Activeren van voorkennis - Directe Instructie
16481
page-template,page-template-full_width,page-template-full_width-php,page,page-id-16481,qode-listing-1.0.1,qode-quick-links-1.0,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-14.4,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-5.4.5,vc_responsive
 

ACTIVEREN VAN VOORKENNIS

Het eigen maken van nieuwe leerstof gaat makkelijker als deze wordt verbonden met reeds aanwezige relevante kennis. Daarom laten we leerlingen nadenken over iets dat samenhangt met wat we hen willen leren.

“Door het ophalen van voorkennis aan het begin van de les, wordt het werkgeheugen gevuld met kennis waaraan nieuwe leerstof kan worden opgehangen.”

NIET CONTROLEREN, MAAR ACTIVEREN

Zorg er bij het activeren van voorkennis (avv) voor, dat je de leerlingen vraagt wat ze al over het onderwerp weten in het algemeen. Het gaat er niet om dat je vraagt naar wat leerlingen al weten van het concrete lesdoel.
Bij avv vraag je naar zeer algemene zaken waar alle leerlingen iets over kunnen zeggen. Als je te specifiek naar het lesdoel vraagt, dan denken alleen de sterke leerlingen na. Je wilt echter dat álle leerlingen nadenken, ook zij die moeite hebben met leren.
Je vraagt dus niet wat leerlingen al weten van ‘ongelijknamige breuken optellen’, maar je vraagt of ze wel eens iets gebroken hebben. Je vraagt niet hoe je ‘bepaalt hoeveel graden een hoek is’, maar je vraagt hen om te tellen hoeveel hoeken de klas heeft.
Het doel van avv is om álle leerlingen te activeren, álle leerlingen na te laten denken en álle leerlingen de kans te geven om hun werkgeheugen te vullen met kennis waaraan de nieuwe leerstof kan worden gekoppeld. We willen niet controleren welke leerlingen het al weten, maar hen allemaal activeren.

” Voorkennis ophalen doe je niet door te vragen wat de leerlingen al weten van het lesdoel, maar door naar gerelateerde eerder onderwezen leerstof te vragen.”

VERBINDEN MET HET LESDOEL

Het activeren van voorkennis wordt afgesloten door aan de leerlingen uit te leggen wat precies het verband is tussen dat wat ze al weten en wat ze deze les gaan leren, het lesdoel. Door dit expliciet te benoemen, maak je dit verband ook voor de zwakke leerlingen duidelijk.
Houd het activeren van voorkennis kort: maximaal 5 minuten.